Nieuws

Meet the team: Technisch Tekenaars-Werkvoorbereiders

Binnen de interieurafdeling van Reynders draait alles om maatwerk. Van doordachte kastenwanden tot complexe ontvangstbalies: niets is standaard. Maar hoe vertaal je een creatieve, soms wilde visie van een architect naar een technisch perfecte tekening waar de schrijnwerkers in het atelier mee aan de slag kunnen?  

Dat is het terrein van de Technisch Tekenaars-Werkvoorbereiders. Zij zijn de onmisbare schakel tussen ontwerp en realisatie. Ze combineren (creatief) inzicht met millimeterprecisie en zorgen ervoor dat een mooie schets ook daadwerkelijk een maakbaar meubel wordt. Wij legden het driekoppige team onze meest prangende vragen voor. 

Laten we even bij het begin beginnen. Wie zit er achter de schermen in het team van de Technisch Tekenaars-Werkvoorbereiders? 

“Wij zijn een vast team van drie”, vertelt Mathijs Magchiels, die met twaalf jaar dienst de hoogste anciënniteit op de afdeling heeft. “Samen met Bert Vandevelde, die inmiddels zeven jaar op de teller heeft bij Reynders en Thomas Mevis, die al vier jaar bij het bedrijf werkt vormen we de kern van de tekenafdeling. We zijn allemaal Technisch Tekenaar-Werkvoorbereider. Dat betekent dat we naast het uittekenen ook het hele productieproces voorbereiden”.

 

Hoe ziet een typische werkdag eruit voor jullie? 

“Die begint steevast met koffie,” lacht Bert. “Daarna duiken we in onze mailbox en checken we facturen. We werken met een weekplanning waarin we per dag bepalen aan welke werf we werken. Onze kerntaak is natuurlijk tekenen. Dat gebeurt in twee fases: eerst werken we de ontwerpen uit ter goedkeuring voor de architect. Zodra dat groen licht krijgt, vangt fase twee aan: de productietekeningen en detailtekeningen maken. Die moeten zo duidelijk zijn dat de schrijnwerkers in het atelier perfect weten wat ze moeten doen”. “Maar het is niet alleen tekenen”, vult Mathijs aan. “We plaatsen ook alle bestellingen voor het materiaal rondom het meubel. Het is een heel gevarieerd pakket”.

 

Hoe is de dynamiek onderling? 

“Heel goed”, zegt Thomas. “We zijn een hecht team en gaan regelmatig samen iets eten”. Maar die dynamiek stopt niet bij het drietal. “We overleggen constant met de arbeiders in het atelier. Omdat we zo nauw betrokken zijn bij de productie, is er veel communicatie nodig. We vormen dus geen eilandje, maar werken veel samen met de mannen van het atelier.”

 

Neem ons eens mee door een project. Wat gebeurt er als een nieuwe opdracht binnenkomt? 

“Alles start met een dossieroverdracht van de calculatie-afdeling naar ons”, legt Mathijs uit. “We zitten samen met de calculator die het project geteld heeft en de projectleider die het project zal opvolgen, en overlopen hoe het project verkocht is, wat de budgetten zijn en hoe de planning eruitziet. We bepalen welke meubels prioriteit heeft en ontleden de werf”.  Thomas knikt: “Daarna beginnen we met uittekenen en tellen we precies uit hoeveel materiaal er nodig is. Het is zelden van de eerste keer ‘boenk erop’. Vaak zijn er een aantal aanpassingen nodig voordat een tekening definitief in productie kan gaan”.  

 

Jullie krijgen vaak ruwe schetsen van architecten. Wat is de grootste uitdaging daarbij? 

“Het concept van de architect respecteren, maar het tegelijkertijd technisch haalbaar maken”, zegt Thomas direct. “Architecten hebben vaak wensen die in de praktijk soms moeilijk uitvoerbaar zijn. De kunst is om dan met een goed technisch tegenvoorstel komen dat wél blijft staan, zonder afbreuk te doen aan het ontwerp”.

 

Wat is het meest onderschatte aspect van jullie job? 

“Mensen vergeten vaak dat wij achterliggend ook machines aansturen”, vertelt Mathijs. “Onze tekeningen worden digitaal verstuurd naar de zaag- en CNC-machines. Als wij een foutje maken in de tekening, loopt het in de productie dus ook fout. Die verantwoordelijkheid is groot”. Bert vult aan: “Daarnaast is het stockbeheer een uitdaging. Bij grote projecten bestellen we enorme hoeveelheden materiaal. Inschatten of je daarmee toekomt gedurende het hele project, is niet vanzelfsprekend”.

 

Welke vaardigheden en kwaliteiten zijn onmisbaar als Technisch Tekenaar-Werkvoorbereider? 

“Technisch inzicht is de basis”, zegt Mathijs. “Maar je moet vooral oplossingsgericht en ‘out-of-the-box‘ kunnen denken”, gaat Bert verder. “Je moet daarnaast materialenkennis hebben om aan alle normen te voldoen, en je moet begrijpen hoe de machines werken”, vertelt Thomas. “Eigenlijk moet je van alles wat kennen. Die kennis heb je niet als je net van de schoolbanken komt. Dat leer je hier echt al doende”. 

 

Mensen denken bij ‘interieur’ vaak aan kasten. Maar jullie doen méér dan dat. Wat is het meest unieke dat jullie ooit technisch tekenden? 

“Voor mij was dat de inkombalie voor Royal Hamilius in Luxemburg”, zegt Mathijs. “Dat was een enorm chique balie met een volledig organische vorm. Heel complex om uit te tekenen en te produceren”. Bert herinnert zich een ander huzarenstukje: “Het auditorium van Beobank. Dat waren verschillende rijen zitbanken, volledig opgebouwd met stoffering en metaalwerk. Ze hadden allemaal een specifieke vorm en het plafond moest die vorm identiek volgen. Omdat dat in coronatijd was, was de uitvoering en planning bovendien extra uitdagend”. 

Auditorium van Beobank

 

Wat geeft jullie de meeste voldoening in de job? 

“Het eindresultaat zien”, klinkt het in koor. “Je tekent iets op je scherm en je hebt daar wel een beeld bij, maar als je dan het eindresultaat ziet zoals jij het bedacht hebt… dat geeft enorm veel voldoening”, licht Bert toe. 

 

Tot slot: de sector digitaliseert razendsnel. Hoe zien jullie de toekomst? 

“We werken nu al heel geautomatiseerd”, besluit Mathijs. “We gebruiken TopSolid om te tekenen en machines aan te sturen, en Ardis voor de zaaglijsten. Ook opmetingen gebeuren nu digitaal met 3D-scans, iets wat vroeger de projectleider handmatig deed”. “In de toekomst zal AI bepaalde processen allicht nog versnellen en verbeteren. Maar…”, voegt hij er stellig aan toe, “de menselijke factor blijft onmisbaar. Om al die afzonderlijke processen in goede banen te leiden en (creatieve) knopen door te hakken, heb je nog steeds vakmannen nodig”.